60 jaar belangenbehartiging van Reeën.
- Wat heeft dat voor het ree betekend
- Waar heeft dat ons gebracht
- Wat is de rol van de Vereniging Het Reewild daarin geweest gedurende die 60 jaar.
- Hebben we het wel goed gedaan
- Hoe is het nu met het Ree gesteld en hoe moet het verder in de toekomst.
Antwoorden op die vragen staan in het boek dat de Vereniging Het Reewild ter gelegenheid van haar 60 jaar bestaan uitgeeft. Hierin kunt u lezen hoe reeën zijn, hoe zij leven, en vooral hoe hun sociaal gedrag is. Er wordt een terugblik gegeven op 60 jaar reeënbeheer in Nederland. Van trofeeënshows tot beheer. Tot slot geeft de Vereniging Het Reewild aan hoe zij, met haar huidige kennis, denkt op welke wijze de mensen in de toekomst samen moeten en kunnen leven met reeën.
Je komt ze steeds meer tegen, overal. Of het nu bossen zijn of polders, weilanden, akkers of stukken ruige natuur, overal zie je reeën. Het gaat dus goed met de reeën in Nederland, te goed mogen we wel zeggen. Maar wat is te goed? De grote toename van het aantal reeën, veroorzaakt ook problemen.
Reeën vragen om ruimte in ons land. Zonder het altijd te beseffen zijn ze al lang in een strijd verwikkeld met ons om die ruimte. Want wat te denken van de mensen. Zij vreten ruimte, iedere dag weer meer. Om te wonen, te werken, zich te verplaatsen en tot slot ook om zich te ontspannen, sport en recreatie. Hoe is het dan toch nog mogelijk dat het ree zich zo heeft weten te handhaven in die ruimte? Reeën passen zich aan aan hun omgeving. Ook zijn zij in staat om zich in nieuwe leefgebieden te vestigen. Maar uiteindelijk komt er ook voor hen een moment dat de rek eruit is. Dan zeggen wij mensen: “er zijn er te veel”. Mijn grootmoeder zei het al, alles waar “te” voor staat is niet goed, behalve tevreden. Maar wie bepaalt dat “te” eigenlijk?
Het is het ree zelf dat aangeeft of het tevreden is, alleen moet je het wel willen en kunnen zien. Daar is deskundigheid en kennis voor nodig. Één van de aanwijzingen is dat reeën steeds dichter bij de mensen gaan leven. Niet dat ze dat nu echt zo leuk vinden, maar ze moeten wel. Dit gaat goed zolang de mensen ook de noodzakelijke afstand tot de reeën houden en niet te pas en te onpas hun leefgebied binnen dringen, soms zelfs met honden die loslopen. Daar ligt absoluut een grens voor het ree. Maar als er te veel zijn, jagen ze elkaar ook onderling “hardgeweiig” hun leefgebied uit. Zij moeten dan op zoek naar een ander leefgebied en lopen zich dan letterlijk te pletter tegen onze infrastructuur.
10.000 reeën, schatten we dat er jaarlijks worden doodgereden op onze wegen. Daarnaast veroorzaken zij ook schade aan gewassen en bossen. Overpopulaties van reeën, te veel in één leefgebied is, gezien hun leefwijze, slecht voor het ree zelf. Het welzijn van reeën in die populaties gaat achteruit door ziekte, stress en sterfte.
Sinds het ontbreken van natuurlijke vijanden in ons land heeft de mens ingegrepen om het ree voor overpopulaties te beschermen. Vroeger was het de verantwoordelijkheid van de jagers op basis van de jachtwet van 1923. Met de nieuwe jachtwet van 1954 werd er al meer verantwoordelijkheid gelegd bij het Ministerie en met de komst van de Flora&Faunawet in 2002 waren het de Provincies die verantwoordelijk werden voor het welzijn van onze reeënpopulaties.
Zij bepalen nu jaarlijks hoeveel reeën er doodgeschoten moeten worden. De uitvoering van deze omvangrijke en tijdvragende taak wordt opgedragen aan vrijwilligers, de jagers. Duizenden uren werk vraagt dat, maar kost de maatschappij niets. Alles goed geregeld zou je denken. Op papier wel, maar de praktijk is echter door vele oorzaken weerbarstig, met als resultaat dat het aantal reeën in Nederland nog steeds toeneemt, met veel ellende voor de Reeën als gevolg.
De Vereniging Het Reewild vindt het de hoogste tijd dat daar iets aan wordt gedaan en komt dan ook met een voorstel: Een Deltaplan voor Reeën.
Dat zal betekenen een andere vorm van beheer, er anders naar gaan kijken. Dit zal alleen maar mogelijk zijn als we echt gaan kijken naar de reeën, naar de manier waarop zij gebruik maken van de ruimte, hoe zij nu leven, zich voortplanten, wat ze eten, kortom begrijpen waarom ze leven zoals ze al eeuwen doen. Maar ook waarom het lijkt alsof ze zich aanpassen aan ons of juist weer niet?
“Samenleven met reeën in de toekomst vraagt een Deltaplan voor reeënbeheer”.
In de allereerste plaats voor onze reeën maar ook in het belang van de maatschappij. Maar laten we bedenken dat die toekomst wel morgen begint. Tijdens onze algemene ledenvergadering 14 mei 2011 hebben we daarvoor het startsein gegeven.
Marien Greep, 14 mei 2011
Voorzitter Vereniging het Reewild
Wat dit betekent, kunt u o.a. in ons jubileumboek lezen dat u via onze
webwinkel Vereniging Het Reewild kunt bestellen. Dit prachtige boek is van groot formaat met 152 bladzijden waarvan de helft is verrijkt met prachtige foto’s van reeën waardoor het ook nog een mooi kijkboek is geworden. Een aanrader voor iedereen die wat met het Ree heeft.