“Van Schot tot Bord” voorziet in behoefte reewildbeheerders
“Ik ben al 28 jaar reeënbeheerder maar toch nog verbaasd over wat ik vandaag allemaal geleerd heb”, was een reacties van een deelnemer aan de workshop “van Schot tot Bord”. Deze workshop was georganiseerd door een groepje zweethondbegeleiders uit Friesland, Groningen en Drenthe met als doel om kennis en ervaring te delen op het gebied van reeënbeheer, specifiek gericht op wat er allemaal aan de orde komt NA het overhalen van de trekker.
In de winter 2009 was dit idee ontstaan nadat Bernhard Arends door een enkelbreuk gedwongen was om rust te houden. Samen met zijn zweettrainingsmaten Jan Aartsen en Rinie Kamerling had hij geconstateerd dat er bij reeënbeheerders behoefte is aan kennisoverdracht op het gebied van zweetwerk, ontweiden en slachten maar ook het panklaar maken en goed bereiden van reevlees. Dit zijn onderwerpen die niet direct worden aangeboden tijdens de jachtopleiding maar waar men in de praktijk toch vaak tegenaan loopt. Ondeskundig handelen kan dan vaak verstrekkende gevolgen hebben.
Dit idee werd vertaald naar een workshop waar 24 Drentse reeënbeheerders aan hebben deelgenomen. De groep kwam op 6 februari naar de boerderij van maatschap Hartlief-Lammers in Donderen, een geweldige accommodatie waar ruimte en gelegenheid was om alle facetten duidelijk te demonstreren en waar het in de fijn verwarmde loods prettig toeven was. De workshop bestond uit verschillende onderdelen; beginnend bij het zweetwerk. Als een ree ziek geschoten is, wil men het zo snel mogelijk vinden en uit zijn lijden verlossen. Een deskundig nazoekteam is daarbij onmisbaar, de zweethondenbegeleiders van de Stichting Zweethonden Nederland en hun honden zijn hiervoor allemaal gekwalificeerd en staan graag klaar om hun ervaring in te zetten.

Elke situatie is anders en vraagt om een andere aanpak. Zeer belangrijk hierbij is de zogenaamde letselplaatsherkenning. Hierbij wordt de plaats van aanschot nauwkeurig onderzocht en aan de hand van de bevindingen, zoals snijhaar, weefsel en zweet stelt men vast wat de soort verwonding is en welke zweethond hiervoor geschikt zal zijn. Op diverse plaatsen op het terrein kon men oefenen met letselplaatsherkenning. Drie zweethondenteams werkten een zweetspoor uit waarover uitgebreid uitleg werd gegeven.
Het volgende deel van de workshop bestond uit verschillende demonstraties waarbij door gekwalificeerde personen de technieken van ontweiden, onthuiden en portioneren nauwkeurig werden uitgelegd. Dit alles volgens de hygiënevoorschriften die zijn gesteld in de EG verordening 852/2004 en 853/2004 met als doel het stuk op een zo hygiënisch mogelijke manier geschikt te maken voor consumptie. De dag werd afgesloten met een voortreffelijk menu waarbij de kok de deelnemers en alle helpers liet proeven van diverse verrassende bereidingswijzen van alle soorten/delen reevlees. Zoals gerookte reebout, reebiefstuk en verschillende stoofgerechten. Voor de liefhebbers werden de bereidingstips en recepturen uitgewisseld.
Een voor veel mensen niet voor de hand liggende bezoeker was het team van de Dierenambulance Groningen. De zweethondenbegeleiders in het Noorden werken veel samen met de Dierenambulance want uiteindelijk hebben we allemaal het zelfde doel, namelijk een dier zo snel mogelijk uit het lijden verlossen. Een van de andere gasten was Hondenwebshop.nl die aan alle begeleiders van de zweethondenlijst uit het Noorden veiligheidshesjes aanbood.
De organisatie kijkt terug op een zeer geslaagde dag, die zeker gezien het grote aantal aanmeldingen, om herhaling vraagt.
Bernhard Arends
Jan Aartsen
Rinie Kamerling